Als je op zoek bent naar extra uitdaging tijdens je opleiding Bestuurs- en organisatiewetenschap, dan kun je die vinden in de B&O Academie, facultaire honourstrajecten of universitaire honourstrajecten.

De B&O Academie is een variant op honoursprogramma’s zoals andere opleidingen van de Universiteit Utrecht die hebben. De B&O Academie is het kader waarbinnen de verbredende, verdiepende, onderscheidende en internationale activiteiten van de bachelor- en de masteropleiding zijn samengebracht. Sommige daarvan zijn nieuw, andere zijn je misschien al vertrouwd. Als je meedoet aan een van deze activiteiten en die succesvol afrondt, versterk je je eigen profiel als B&O student. Daarnaast krijg je een aantekening op een speciale bijlage bij je diploma.

De activiteiten van de B&O Academie sluiten aan op het inhoudelijke studieprogramma van B&O. Er zijn drie verschillende vormen:

  • Curriculum-plus: deze activiteiten zijn verbonden met cursussen uit het hoofdprogramma van de opleiding.
  • Extra-curriculair: deze activiteiten vinden plaats naast het reguliere onderwijsprogramma.
  • Curriculaire activiteiten: keuzemogelijkheden binnen het B&O studieprogramma die studiepunten opleveren, zoals studeren in het buitenland, het internationale Researchproject (georganiseerd in samenwerking met studievereniging Perikles) en de honours cursus Creating Societal Impact (samen met studenten van de Law Colleges, Utrecht University School of Economics en University College Utrecht).

Dit is het programma van de B&O Academie:

Curriculum-plus

  • Module georganiseerd door studievereniging Perikles
  • Programme 'Future of Development Cooperation: Scenarios for 2025'

Extra-curriculaire activiteiten

  • USBOok
  • Via Wonderland

Curriculaire activiteiten

  • Creating Societal Impact
  • One Health
  • Internationale Research Project
  • International (post)graduate course: Challenges of Europe
  • Studeren in het buitenland
  • Stage

Lees meer:

Curriculum-plus

Module georganiseerd door studievereniging Perikles

Ieder jaar organiseert studievereniging Perikles een module die samenhangt met een cursus uit het reguliere curriculum. Dat gebeurde onder andere naast de cursussen 'Organisaties en Organiseren' en 'Staats- en Bestuursrecht'.

The future of international development cooperation programme

‘The future of international development cooperation: Scenario’s for 2025’ bestaat uit een serie van zeven bijeenkomsten voor een, bij voorkeur internationaal samengestelde, groep van minimaal 8 tot maximaal 16 studenten. We zoomen in op de trends, mogelijkheden en beperkingen voor ontwikkelingssamenwerking. Allerlei actuele mondiale ontwikkelingen kunnen in de komende jaren verschillende richtingen inslaan. De vraag is wat voor de vormgeving van de doelen van ontwikkelingssamenwerking (zoals de nieuwe Sustainable Development Goals) daarbij de opties zijn. In subgroepen werken we verschillende scenario’s uit die op de slotbijeenkomst worden gepresenteerd en bediscussieerd.

Het programma loopt parallel aan de keuzecursus Bestuur en Organisatie van Ontwikkelingssamenwerking maar kun je los daarvan volgen. Docenten zijn Wieger Bakker en René Grotenhuis. René Grotenhuis was tot 2013 directeur van Cordaid en is momenteel geassocieerd onderzoeker bij de Universiteit Utrecht.

Extra-curriculaire activiteiten

USBOok

Voor studenten uit bachelorjaar 1, 2 en 3.
Tijdens de cursus B&O-Klassieken en ook bij andere cursussen van de opleiding worden klassieke boeken gelezen die je helpen inzicht te verwerven in het vakgebied van Bestuurs- en Organisatiewetenschap. Maar dat is maar een heel klein deel van alle interessante en spannende boeken die zich daarvoor lenen. USBOok is ervoor bedoeld om samen met Bachelor 1, 2, en 3 studenten meer van die mooie boeken te lezen en uitgebreid te bespreken. Dat kunnen andere ‘echte’ klassiekers zijn, maar ook recente wetenschappelijke publicaties, biografieën of zelfs romans, als er maar een relatie met B&O gelegd kan worden.

USBOok is een uitdagend programma onder begeleiding van Sebastiaan Steenman en Martijn van der Meulen waarin studenten veel ruimte krijgen in het analyseren en bespreken van de belangrijkste inzichten uit de gekozen boeken, en ze in verband brengen met de opleiding en met andere werken.

Binnen USBOok lezen we ongeveer zes mooie boeken, die we verdeeld over het jaar op (in principe) dinsdagavonden zullen bespreken. Alle deelnemers kunnen voorstellen doen voor de te lezen titels.

Eerder lazen we bijvoorbeeld de volgende boeken :

  • Bowling Alone van Robert D. Putnum
  • Last Man in Tower van Aravind Adiga
  • What Money Can’t Buy van Michael Sandel
  • Animal Farm van George Orwell & Wij van Jevgeni Zamjatin
  • Living in the End Times van Slavoj Zizek
  • Het Proces van Franz Kafka

Via Wonderland

Voor studenten uit bachelorjaar 1.
In het eerste bachelorjaar biedt de opleiding het programma VIA Wonderland aan voor studenten die meer willen doen dan het verplichte programma. In het verlengde van de studie kun je hierin zelf initiatieven en activiteiten ontplooien en je  krijgt daarbij een grote mate van vrijheid. Je kiest in ieder geval in groepsverband een eigen thema, doet daar onderzoek naar en legt de resultaten daarvan vast in een paper. De presentatie van je onderzoek van het onderzoek kan variëren. Dat kan bijvoorbeeld het organiseren van een lezing zijn, het vertonen van een film/documentaire, het organiseren van een bezoek aan een organisatie of van een conferentiedag. Ook andere ideeën zijn welkom.

Curriculaire activiteiten

Creating Societal Impact

In het tweede bachelorjaar van de opleiding kun je samen met studenten van de opleidingen van University College, Economie en Rechtsgeleerdheid deelnemen aan de honours cursus 'Creating Societal Impact'. In dit programma ga je samen, op interdisciplinaire wijze aan de slag met een maatschappelijk vraagstuk. De verschillende mogelijke thema’s worden ingeleid door inspirerende gastcolleges van wetenschappers en bestuurders. We sluiten het programma af met een seminar waarin de groepen hun bevindingen presenteren, discussiëren over de meerwaarde van interdisciplinair onderzoek en de verbinding leggen met ander onderzoek. Dit programma wordt aangeboden in het Engels.

One Health

One Health is een interdisciplinaire keuzecursus (Periode 4, Timeslot A+D; 7,5 ECTS op honoursniveau) die in samenwerking met Diergeneeskunde, Geneeskunde, Biomedische wetenschappen, Rechten, Economie en Bestuurs- en Organisatiewetenschap gegeven wordt. Het gaat over de aanpak van dierziekten (zoals Ebola, Q-koorts, Mexicaanse griep, Mond-en-klauwzeer, SARS, etc.) die zeer ernstige consequenties voor mensen kunnen hebben. Afzonderlijk kunnen de verschillende (medische) vakdisciplines niet komen tot een effectieve aanpak, vandaar dat de multidisciplinariteit in deze cursus bewust opgezocht wordt. In verschillende colleges zullen de klinische/veterinaire en biomedische aspecten, risk assessment, outbreak management en bestuurlijke aspecten aan de orde komen. Vervolgens zul  je als student in multidisciplinair samengestelde projectgroepen de aanpak van een specifieke dierziekte interdisciplinair gaan onderzoeken en uitwerken.
Meer informatie over One Health projecten bij Universiteit Utrecht vind je op de website. Inschrijven kan via Frank Coenjaerts (f.e.j.coenjaerts@umcutrecht.nl).

Internationale Research Project

Voor studenten uit bachelorjaar 3.
Het Research Project is een internationaal en maatschappelijk onderzoek dat studievereniging Perikles en de opleiding eenmaal per twee jaar organiseren. Het Research Project is een keuzevak voor minimaal derdejaars Bachelor studenten van Bestuurs- en organisatiewetenschap (15 ECTS). Het wordt georganiseerd door studenten voor studenten, in samenwerking met een universiteit in het buitenland.

Het eerste onderzoek (2009) had als ‘De maatschappelijke gevolgen van het vernieuwde Koninkrijksstatuut op Curaçao’. In 2011 deden studenten onderzoek naar de ‘nalatenschap’ van het WK Voetbal in Johannesburg, Zuid-Afrika. In 2013 was watermanagement in Lombok, Indonesië het onderwerp. In 2015 zijn studenten onderzoek gaan doen in Rio de Janeiro, Brazilië naar de maatschappelijke ontwikkelingen rondom de grote sportevenementen in het land (het WK Voetbal in 2014 en de Olympische Spelen in 2016). In 2016 was het onderzoeksthema van het project 'Op zoek naar de kracht van de Surinaamse samenleving'.

Samen met een groep geselecteerde studenten doe je kwalitatief, empirisch onderzoek naar lokale organisatiepraktijken. Het onderzoek wordt vormgegeven en uitgevoerd door studenten zelf, onder begeleiding van docenten.

International (post)graduate course: Challenges of Europe

From 18 to 22 of April 2016, the 10th Edition of the Honours Course Challenges of Europe: Building & Promoting Human Security takes place in Dubrovnik (Croatia). This is a selective course organised by, among others, the Utrecht University School of Governance and the Inter University Centre in Dubrovnik. The course deals with the core questions: how Human Security is threatened in European countries today and how new and emerging forms of social exclusion are associated with these threats? Several themes will be discussed from an international and interdisciplinary perspective, for instance military conflicts (the Ukraine-Russia conflict, the IS in Syria, Iraq and North Africa, etc.) and their social and political effects (migration, terrorism and xenophobia, etc.). The course of 7,5 ECTS will be intensive, and completely in English. Students are expected to give a presentation and write a final research paper. The course is open for students in the third year of the bachelor and following (masters, PhD-students and exchange students).

Studeren in het buitenland

Meer informatie vind je op de pagina 'studeren in het buitenland'.

Stage

Meer informatie vind je op de pagina 'stage'.

Je kunt ook een honourscomponent toevoegen aan je reguliere B&O bachelorscriptie. We noemen dat Scriptie plus. Die extra component heeft betrekking op de ‘maatschappelijke impact’ van je scriptie. Eén van de belangrijke uitgangspunten van de opleiding Bestuurs- en organisatiewetenschap (en dus zeker van de B&O Academie) is het leggen van de verbinding met de praktijk. We bestuderen vraagstukken in de praktijk, en het is natuurlijk ook nuttig de opgedane inzichten weer ter beschikking te stellen aan die praktijk. In het Scriptie plus traject ga je actief op zoek naar een maatschappelijke, op de praktijk gerichte vertaling van je onderzoek en de resultaten van je scriptie.

Lees meer over:

  • Varianten
  • Begeleiding
  • B&O Academie bijlage en/of UU Honourscertificaat

Varianten

De extra component van je bachelorscriptie kan op verschillende manieren vorm krijgen. Je kunt daarbij denken aan de volgende varianten:

  • Vakpublicatie
  • Opiniebijdrage
  • Videoclip
  • Infographics
  • Studieseminar
  • Eigen project

Vakpublicatie

Mogelijke vakpublicaties op basis van een scriptie zijn artikelen in wetenschappelijke tijdschriften of in vaktijdschriften. Ook kan een scriptie eventueel integraal worden gepubliceerd als een vakpublicatie. Je wordt hierbij individueel begeleid door je reguliere scriptiebegeleider of andere B&O docent/onderzoeker.
De bachelorscriptie van Ruben Spelier (Onderweg naar de Nationale Politie: Een reconstructie van de besluit- en beleidsvorming in de periode 1993-2010) is bijvoorbeeld gepubliceerd in boekvorm.

Opiniebijdrage

Scripties kunnen gebruikt worden als basis voor een opinieartikel in een krant, tijdschrift, blog, website of internetforum. Je wordt hierbij individueel begeleid door je reguliere scriptiebegeleider of andere B&O docent/onderzoeker.
Camiel van Houdt en David Schelfhout hebben bijvoorbeeld een opinieartikel over ‘Risico’s bij einde stadsdelen’ geschreven dat gepubliceerd is in Het Parool.

Videoclip

Het presenteren van scriptieresultaten kan ook een andere vorm krijgen, bijvoorbeeld via een videoclip of animatie. Die maakt het mogelijk om de boodschap kort en krachtig over te brengen. Een video of animatie kan gemakkelijk verspreid en blijvend beschikbaar worden gesteld, bijvoorbeeld via YouTube. Vooralsnog hebben nog geen bachelorstudenten B&O hun scriptieresultaten via een videoclip beschikbaar gemaakt. Wel heeft promovenda Nina van Loon de uitkomsten van haar onderzoek via een animatie op YouTube uitgelegd. Bekijk de animatie.
Je wordt hierbij individueel begeleid door een docent met affiniteit met de techniek van filmen, editen, monteren en online-publiceren.

Infographics

Scriptieresultaten kunnen ook kernachtig en grafisch gevisualiseerd worden op een (interactieve) website. Dat is aantrekkelijk voor het bereiken van mogelijk geïnteresseerden die niet meteen een lange scriptietekst willen lezen. Ook is het hierdoor mogelijk om de resultaten snel te verspreiden via sociale media, zoals twitter. Kijk voor meer info bijvoorbeeld de website infographic-designer of wpwebbouw.
Je wordt hierbij individueel begeleid door een docent met affiniteit met de techniek van visualiseren, selecteren, ordenen en digitaal publiceren.

Studieseminar

Over het scriptieonderwerp (en de resultaten) kun je ook een studieseminar organiseren, bijvoorbeeld bij de organisatie waar je onderzoek hebt gedaan. Zo’n seminar kan bestaan uit lezingen, presentaties, workshops, forumgesprekken, zaaldebatten, key-note speeches, etc. Om de resultaten van z’n studieseminar een meer duurzaam karakter te geven, is het goed om er een website om heen te bouwen. Zie bijvoorbeeld het symposium van School2Work.
Je wordt hierbij individueel begeleid door een B&O docent en eventueel met enige digitale ondersteuning.

Eigen project

Je kunt ook een eigen plan ontwikkelen dat gericht is op de maatschappelijke impact van de scriptieresultaten. Dat kan deels op eigen initiatief; het projectplan moet wel goed gekeurd worden door de coördinator van de B&O Academie.

Begeleiding

Je scriptie wordt begeleid door de docent van de bachelorleerkring die je volgt. Daarnaast volg je een extra traject dat een van de bovengenoemde producten of activiteiten oplevert. Dit extra traject bestaat uit een gemeenschappelijk programma gericht op het verkennen en specificeren van de maatschappelijke waarde en impactmogelijkheden van je scriptieonderzoek. Daarnaast bestaat het traject uit individuele begeleiding, gericht op het vervaardigden van het product (vakpublicatie, opiniebijdrage, videoclip, infographics) of het uitvoeren van de activiteit (studieseminar, eigen project). Daarin is ook aandacht voor en begeleiding bij de meer technische aspecten.

B&O Academie bijlage en/of UU Honourscertificaat

Als je je scriptietraject succesvol hebt afgerond, wordt dat aangetekend op de B&O academie bijlage bij het diploma van je bacheloropleiding.
Voor het aanvragen van het UU-honourscertificaat is een scriptie gehaald op honoursniveau noodzakelijk, maar er zijn aanvullende voorwaarden voor het behalen van dit certificaat. Een daarvan is dat de scriptie met een cijfer van 7,5 of hoger is beoordeeld door de eerste en tweede lezer.
Als je een lager cijfer voor je scriptie behaalt, kun je het UU-honourcertificaat niet aanvragen. Maar deelname aan het Scriptie plus traject wordt wel vermeld op de B&O Academie bijlage bij je bachelordiploma.

Je kunt je B&O honoursprogramma zelf samenstellen. Op basis van je eigen interesses en mogelijkheden kun je kiezen uit het à la carte aanbod van de B&O Academie. Die activiteiten komen vervolgens automatisch in je examenprogramma en/of op de B&O Academie bijlage bij je diploma. Daarnaast kun je ook zelf activiteiten inbrengen in je examenprogramma of in je programma van de B&O Academie.

Bedenk bij het samenstellen van je eigen programma goed dat er verschil is tussen de criteria voor de B&O Academie bijlage bij je bachelordiploma en de criteria voor het UU-honourscertificaat. Dat betekent dat je activiteiten die je niet kunt inbrengen in je examenprogramma of in je programma van de B&O Academie misschien wel kunt gebruiken in de aanvraag van het UU-honourscertificaat (als ‘overige activiteiten’).  

Inbrengen in je examenprogramma

Activiteiten als stages, studeren in het buitenland en deelname aan UU-brede honoursactiviteiten (zoals het Descartes college) kunnen studenten inbrengen als studieonderdelen in hun examenprogramma. Deze activiteiten leveren studiepunten op die kunnen worden gebruikt voor het invullen (of aanvullen) van de profileringsruimte.

Voor meer informatie zie:

De administratieve afhandeling verschilt per activiteit. Stages moeten op basis van een projectplan worden goedgekeurd door de stagecoördinator en de producten (projectverslag en leerverslag) moeten met een voldoende worden beoordeeld door de stagebegeleider.

Studiepunten behaald bij een buitenlandse universiteit moeten via de examencommissie van B&O worden erkend. Deelname aan het Descartes college levert studiepunten op die automatisch toegevoegd worden aan het examenprogramma.
Al deze activiteiten worden vermeld op de B&O Academie bijlage bij het diploma. Tevens kunnen ze gebruikt worden voor de aanvraag van het UU-honourscertificaat.

Inbrengen in je programma van de B&O Academie

Activiteiten met een duidelijk academisch karakter die relevant zijn voor de opleiding Bestuurs- en organisatiewetenschap kunnen als extra-curriculaire activiteit in het kader van de B&O Academie worden ingebracht. Voorbeelden zijn: deelname aan een Summerschool, het Thomas More programma, het organiseren van een academisch symposium (voor studenten) en/of participatie in een academisch onderzoeksproject. Andere (type) activiteiten kunnen uiteraard ook in deze categorie vallen.

De aanvraag voor het inbrengen van deze activiteiten moet worden ingediend bij de B&O Academiecommissie (t.a.v. de coördinator van de B&O Academie). Voor de aanvraagbrief word je gevraagd de volgende informatie te verstrekken:

  • bewijs van deelname (waar mogelijk)
  • omschrijving van het academische karakter van de activiteit
  • toelichting op de relevantie van de activiteit voor B&O
  • de persoonlijke leeropbrengst van deelname
  • een toelichting op de tijdsinvestering voor die activiteit

Als activiteiten niet erkend worden als extra-curriculaire activiteiten binnen de B&O Academie (bijvoorbeeld omdat het academische karakter ontbreekt, of de tijdsinvestering lager is dan 200 uur, de studielast van een reguliere B&O cursus), kunnen ze eventueel wel opgenomen worden in de aanvraag van het UU-honourscertificaat.

Als B&O student kun je het UU-honourscertificaat aanvragen als je voldoet aan alle hieronder vermelde criteria. Ze zijn onderverdeeld in drie hoofdcategorieën:

  1. Studievoortgang en -resultaten reguliere opleiding
  2. Samenstelling individueel honoursprogramma
  3. Kwaliteit van je honoursprofiel

 

Je vindt hier ook informatie over de aanvraagprocedure.

1. Studievoortgang & -resultaten reguliere opleiding

  • B&O bacheloropleiding binnen vier jaar afgerond
  • ‘Final GPA’ van ten minste 3,0 (dat is een gemiddeld cijfer van 7 of meer voor alle cursussen behaald na het eerste studiejaar, zie ook Onderwijs- en Examen Regeling)
  • Beoordeling van minimaal 7,5 voor je bachelorscriptie (door zowel eerste als tweede lezer).

2. Samenstelling individueel honoursprogramma

  • Actief in twee verschillende studiejaren
    Actieve deelname aan en voldoende afronding van honoursactiviteiten in tenminste twee verschillende studiejaren
  • 45 studiepunten op honoursniveau
    Je moet tenminste 45 studiepunten in het honoursprogramma  hebben behaald. Het kan gaan om modules, curriculaire B&O academie activiteiten, UU-brede honoursactiviteiten (zoals bijvoorbeeld Descartes College) en een bachelorscriptie met het honourscomponent Scriptie plus.
  • Minimaal twee extra-curriculaire activiteiten
    Je moet tenminste twee extra-curriculaire activiteiten verricht hebben. Dit zijn activiteiten waarvoor je geen studiepunten hebt behaald, maar waarin je wel substantieel tijd hebt geïnvesteerd (200 uur of meer). Het kan gaan om extra-curriculaire activiteiten uit het aanbod van de B&O Academie maar ook om zelf ingebrachte activiteiten.
  • Bachelorscriptie afgerond op honoursniveau
    Zie voor meer informatie ‘Scriptie plus’.
  • Overige activiteiten
    Er zijn nog veel meer activiteiten binnen en buiten de studie B&O die bij kunnen dragen aan je profilering als B&O honoursstudent. Je kunt bijvoorbeeld denken aan:
    - Bestuurs- of commissiewerk (bijv. bij studie- of studentenvereniging)
    - Community services (bijv. hulp opvang daklozen,  buddy van internationale studenten, etc.)
    - Sociaal ondernemen (zoals ENACTUS, SOON, Stichting MOVE)
    - Deelnemen aan een Denktank (meedenken over maatschappelijke vraagstukken)
    - Student-vertegenwoordiging (zoals student lid U-raad/faculteitsraad/opleidingsbestuur)
    - Consultancy (advieswerk)
    - Politieke activiteiten (in politieke partij en jongerenorganisatie)

Je kunt ze gebruiken in de aanvraag van het UU-honourscertificaat. Voor deze ‘overige activiteiten’ gelden geen vereisten met betrekking tot aantallen, tijdsinvestering of academische niveau.

3. Kwaliteit van je honoursprofiel

Om voor het UU-Honourscertificaat in aanmerking te komen, moet je, naast de eerder genoemde vereisten, voldoen aan de volgende vijf profileringseisen:

Internationale profilering

De internationale profilering kan zowel ‘abroad’ als ‘at home’ plaatsvinden. Om te voldoen aan deze profileringseis kun je bijvoorbeeld denken aan het volgen van cursussen aan een buitenlandse universiteit; deelnemen aan een internationale summerschool, participeren in een internationaal onderzoek en/of project, deelnemen aan een Engelstalige UU-cursus die gericht is op het bestuderen van internationale thematiek en/of waarin je veel in contact komt met internationale studenten. 

Maatschappelijke impact

Bij maatschappelijke impact gaat het erom dat je de inzichten die je hebt opgedaan in een academische studie of bij een academische onderzoek inzet voor een bijdrage aan de maatschappij. Dat kan op velerlei manieren gestalte krijgen. Bijvoorbeeld in de vorm van de extra component van je scriptie (zie ‘Scriptie plus’), tijdens stages of via extra-curriculaire activiteiten. Het gaat erom dat je burgers, publieke organisaties of maatschappelijke bewegingen helpt om grip te krijgen op een maatschappelijke vraagstuk. Dat kan fysiek (‘handen uit de mouwen’), verbaal (actief steunen van een missie) en cognitief (kennis ontwikkelen en overdragen).

Verdieping binnen het vakgebied van B&O

Bij verdieping gaat het erom dat je meer studieactiviteiten op het terrein van de Bestuurs- en Organisatiewetenschap ontplooit dan strikt genomen vereist is binnen het vastgestelde examenprogramma. Je kunt participeren in extra onderzoek, deelnemen aan modules, extra keuzevakken doen of meer B&O gerelateerde literatuur te lezen bij USBOok.

Verbreding of interdisciplinaire oriëntatie

Bij verbreding gaat het om het ondernemen van studieactiviteiten buiten het strikte domein van de opleiding B&O. Interdisciplinaire cursussen volgen is een goed voorbeeld. Deelnemen aan multidisciplinair onderzoek ook. Je kunt de inzichten die je in de modules en cursussen verworven hebt, gebruiken als het over andere thema’s en een andere context gaat. Het gaat bovendien om het verbreden van je vaardigheden bijvoorbeeld met praktische sociaal-professionele vaardigheden als debatteren, presenteren, zelf-organiseren,  etc. Verschillende honoursactiviteiten zoals de Creating Societal Impact, One Health en Challenges of Europe zijn expliciet interdisciplinair opgezet wat o.a. blijkt uit de selectie van de mogelijke deelnemers.

Bijdragen aan academische (student) community

Van studenten wordt niet alleen verwacht dat ze actief participeren in de academische student community tijdens hun studietijd, we verwachten ook dat je de verantwoordelijkheid neemt ‘er iets moois van te maken’, bijvoorbeeld door het organiseren van activiteiten, ontwikkelen van ‘nieuwe’ initiatieven, pogen bestaande activiteiten te verbeteren, gemeenschapsvorming te versterken etc. De academische (student) community is echter niet strikt af te bakenen, zeker niet bij een opleiding als B&O. Vandaar dat het om velerlei activiteiten gaat: honours-, bestuurlijke, maatschappelijke en/of studiegerichte activiteiten.

Aanvraagprocedure

Als je aan alle kwalificatie-eisen voldoet, kun je het UU-honourscertificaat aanvragen. Dit kan vanaf drie maanden voor de beoogde afstudeerdatum en uiterlijk tot de datum van afstuderen. Dat betekent dat op moment van het schrijven van de aanvraag, je nog niet aan alle voorwaarden hoeft te hebben voldaan (bijvoorbeeld het afronden van de extra component van de honoursscriptie, of het vereiste gemiddelde cijfer), als je maar op het officiële afstudeermoment voldoet aan alle eisen.

Je vraagt het UU-honourscertificaat aan bij de B&O Academiecommissie (t.a.v. de coördinator van de B&O Academie, Martijn van der Meulen) op basis van een individueel dossier.

Dit dossier bevat twee kerncomponenten:

  1. Het overzicht van je individueel samengestelde B&O honoursprogramma en je reguliere B&O examenprogramma. Het gaat daarbij om de invulling van de profileringsruimte in je examenprogramma, je activiteiten in de B&O Academie, je extra-curriculaire activiteiten en je overige activiteiten.
  2. Het APPP verslag. Het verslag van je Academische, Professionele en Persoonlijke Profilering. In dit verslag reflecteer je op je keuzes, profilering, motivatie en leerervaringen en op de relevantie van je extra-curriculaire/overige activiteiten voor B&O. Daarnaast ga je ook in op alle vijf vereisten van profilering (zie de categorie 'Kwaliteit van je honoursprofiel'). Het verslag beslaat ongeveer 2000 woorden.

Interesse voor de B&O Academie? De manier van aanmelden verschilt per activiteit. In het algemeen mailen de coördinator en/of organisatoren van de activiteit met alle studenten of presenteren zij een korte toelichting tijdens een college. Dan maken ze ook nadere details over de aanmelding bekend.

Meer weten

Voor vragen kun je contact opnemen met de coördinator van de B&O Academie: Martijn van der Meulen (m.j.vandermeulen@uu.nl of 030- 253 8784)