Bouwblog: Hoe gaan we veilig samenwerken in het Veeducatorium?
De Tolakker - Veeducatorium is nog niet af en toch is er binnen onze faculteit een groep mensen die zich nu al bezighoudt met hoe wij straks veilig kunnen samenwerken in het nieuwe gebouw. Dat doen ze door het schrijven van protocollen. Saai? Nee, eigenlijk juist niet.
Hanke Bons-Clemens, projectmanager: “Toen ik hiervoor gevraagd werd, dacht ik wel: ‘wat ongelooflijk saai!’ Inmiddels weet ik beter en vind ik het heel leuk om te doen. We werken samen in een team en het is leuk om te zien hoe ieder zijn talent in kan zetten. Zo zijn Carmen Minnee, management-/office-assistent, en Simon Rijneveld, plant-/dierverzorger/biotechnicus, meer technisch, dat ben ik niet. Ik schrijf alles begrijpelijk op. De vragen over biologische veiligheid leggen we voor aan Astrid van Velden, biologische veiligheidsfunctionaris, en IJmert de Vries, hoofd boerderij De Tolakker, leest het hele protocol na en geeft zijn akkoord.”
Alle protocollen hetzelfde format
In het begin was het even inkomen en moest het team een goede werkwijze vinden, want na een inventarisatie van alle bestaande protocollen, bleek het toch om een groot aantal (meer dan 100) te gaan. Denk daarbij aan protocollen voor het bedienen van apparatuur, over omkleedregels, maar bijvoorbeeld ook over wie toegang heeft tot een bepaald gebied en wie niet.
Astrid: “We hebben een standaard document ontworpen met vaste kopjes, zodat alle protocollen straks hetzelfde format hebben. Zo kan iedereen de informatie die ze nodig hebben sneller vinden en tegelijkertijd zorgt het ervoor dat alle protocollen volledig zijn. Het updaten van alle protocollen is dus meteen een kwaliteitsslag. We hebben straks een state-of-the-art-gebouw, dus met goede protocollen, moderne inzichten en de juiste desinfectie zijn we goed voorbereid op de toekomst.”
Hanke: “Tijdens het schrijven, kom je ook tot de ontdekking dat er al veel goed gaat in de praktijk. Want dingen die al gebeuren, leggen we nu ook vast. Inmiddels kunnen we heel goed plattegronden lezen en kun je ons van elke ruimte het nummer vragen, haha. ”
Protocollen en processen naar een hoger niveau
Het team heeft gekeken welke processen er plaats gaan vinden in het nieuwe gebouw, hoe ze zo veel mogelijk processen en protocollen kunnen samenvoegen en hoe ze kunnen zorgen voor optimale veiligheid en hygiëne. De protocollen helpen ook bij het nadenken over de inrichting van De Tolakker – Veeducatorium. Want, als je laarzen schoon moet kunnen maken, heb je een plek nodig om dat te doen en een laarzenborstel. En, na een infectieproef, moet het besmette water (uit de sectiezaal en de infectiestallen) via een gevalideerde methode gedesinfecteerd worden in een EDS (Effluent Disinfection System)
IJmert: “We lopen zelf alle protocollen na, klopt het wat we met z’n allen bedacht hebben? Als mensen dan vragen hebben, kunnen wij zeggen: ‘Ja hoor, daar hebben we aan gedacht!’”
Astrid: “We proberen in de protocollen ook meteen de risico’s af te dekken. Daarmee tillen we de protocollen en onze processen meteen naar een hoger niveau.”
IJmert: “De protocollen kunnen ook gebruikt worden bij een audit of een certificering. Het is een enorme verbetering ten opzichte van losse briefjes en lijstjes aan de muur.”
Samen krijgen we het goed voor elkaar
Het lastigste aan het proces is misschien nog wel de beperkt beschikbare tijd. En het leukste, de samenwerking met collega’s.
IJmert: “We doen dit werk tussen al het andere werk door. De deadline is mei 2026 en ik ben er trots op dat we die deadline ook gewoon gaan halen. Als je op dit soort werkzaamheden geen deadline zet, verzandt het toch.”
Hanke: “Voor een deel van de protocollen werken we ook samen met collega’s, juist om te zorgen dat we overal aan denken. Bijvoorbeeld over de communicatie en logistiek rondom de euthanasie van een dier of een hitteplan voor pluimvee. Dan vragen we dierenartsen en dierverzorgers om mee te kijken.”
IJmert: “Ik merk dat onze collega’s zich betrokken voelen. Ze houden zich ook aan onze deadlines. Dat helpt ons enorm. Samen krijgen we het goed op papier en voor elkaar.”