16 mei 2019

Bezoek NVAO over kwaliteitsafspraken: positief advies over UU-plan

Een panel van vijf deskundigen van de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO) bezocht op woensdag 15 mei de Universiteit Utrecht over de kwaliteitsafspraken. Deze organisatie toetst de plannen van de UU. Tijdens de terugkoppeling van de panelvoorzitter aan het einde van de middag bleek dat het advies van het panel aan het bestuur van de NVAO positief is.

De plannen van de UU krijgen een voldoende op de drie criteria van de NVAO:

Criterium 1: Het plan draagt beredeneerd bij aan kwaliteitsverbetering van het onderwijs. De voornemens zijn helder geformuleerd en passen bij de context, historie en bredere (onderwijs)visie van de instelling.
De UU heeft in haar plan én tijdens de gesprekken duidelijk aangetoond dat haar plannen bijdragen aan de kwaliteit van het onderwijs en dat zij voldoende beredeneerd zijn. 

Criterium 2: De interne belanghebbenden zijn in voldoende mate betrokken bij het opstellen van het plan en er is voldoende draagvlak bij interne en relevante externe belanghebbenden.
Belanghebbenden zijn voldoende betrokken bij de totstandkoming van de UU-plannen, maar er waren hierbij wel hobbels. Het proces op universiteitsniveau sloot niet altijd optimaal aan op het proces op faculteitsniveau. Daarnaast was er niet in alle faculteiten genoeg tijd om alle studenten voldoende te voorzien van informatie. Daar waar het proces niet optimaal verliep, is geconstateerd dat het College van Bestuur hierop voldoende heeft geacteerd. Bijvoorbeeld door het voeren van extra gesprekken. Het panel geeft de UU nog wel een aanbeveling mee: besteed bij de verdere uitwerking van de plannen nog meer aandacht aan het meenemen van de medezeggenschap (universiteitsraad, faculteitsraden én opleidingscommissies).

Criterium 3: De voornemens in het plan zijn realistisch gelet op de voorgestelde inzet van instrumenten en middelen en de organisatie en processen binnen de instelling.
De plannen van de UU zijn voldoende concreet en hetzelfde geldt voor hoe de universiteit gaat monitoren of ze echt bijdragen aan de kwaliteit van onderwijs.

Aanbeveling panel

Het panel adviseert de UU daarnaast om te expliciteren wat er al is aan plannen en ideeën. Het gaat daarbij om wat de resultaten van de plannen zijn, hoe ze worden uitgevoerd en hoe de UU dit monitort. Dit helpt bij de interne communicatie, monitoring, afrekeningen, maar ook bij het goed betrekken van de jaarlijkse wisselende medezeggenschapsorganen.

Vervolg

De verwachting is dat het officiële advies van de NVAO over ongeveer drie maanden beschikbaar is. Het NVAO-bestuur stuurt dit advies uiterlijk 1 april 2020 naar minister Van Engelshoven. Zij besluit vervolgens over de toewijzing van de studievoorschotmiddelen. Naast het bezoek op 15 mei zijn er nog twee toetsmomenten door de NVAO:

  • de beoordeling van de voortgang van de plannen (2022);
  • de evaluatie van de verwezenlijking van de in het plan opgenomen voornemens en doelen (vanaf 2023)

Wie waren bij bezoek aanwezig?

Bij het bezoek van de NVAO waren onder andere decanen, leden van de universiteitsraad en diverse faculteitsraden, het College van Bestuur en de Raad van Toezicht aanwezig. Zij spraken met het panel over het proces, de totstandkoming en de verdere monitoring van de plannen. 

Kwaliteitsafspraken: wat zijn dat?

De overheid heeft per 1 september 2015 voor alle nieuwe studenten een leenstelsel ingevoerd. De basisbeurs is omgezet in een studievoorschot. Dit zorgt voor een kostenbesparing bij de overheid. Er komen hierdoor financiële middelen (studievoorschotmiddelen) vrij. Deze middelen ontvangen hogescholen en universiteiten van de overheid en moeten zij investeren in een verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. De overheid, hogescholen, universiteiten en studentenorganisaties hebben hiervoor afspraken gemaakt, de zogenoemde kwaliteitsafspraken 2019-2024.

De Universiteit Utrecht heeft haar plan voor de kwaliteitsafspraken in maart 2019 ingediend bij de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO). De UU verdeelt de studievoorschotmiddelen evenredig over de faculteiten naar rato van het aantal ingeschreven studenten die het wettelijk collegegeld betalen. De faculteiten hebben zelf bepaald waaraan zij deze studievoorschotmiddelen willen besteden. Voorwaarde was dat deze plannen voldoen aan een universitair kader. Bij het opstellen van de plannen hebben de faculteiten medewerkers en studenten betrokken.

Meer informatie