Het afstudeerproject bestaat uit een onderzoek. Centraal in een onderzoeksvoorstel is de probleemstelling. Een goede probleemstelling vormt het raamwerk van elk wetenschappelijk onderzoek. In principe komt elke probleemstelling voort uit een specifieke vraag die je over een bepaald fenomeen of proces wilt stellen en een idee van wat het antwoord op je vraag zou kunnen zijn. Jouw interesse in het fenomeen en de probleemstelling vormen het vertrekpunt voor het uitwerken van een onderzoeksopzet.

Het afstudeerproject is in de meeste gevallen een scriptie (20 EC). Afspraken over de scriptie worden meestal gemaakt met de begeleidende docent, voor overige vragen kunt u in contact treden met de programmacoördinator.

Een afstudeerscriptie heeft bij uitstek een wetenschappelijk karakter. Dat houdt allereerst in dat de probleemstelling geworteld is in een serieuze wetenschappelijke theorie en aansluit bij de recente literatuur over het onderwerp. Vervolgens doet u onderzoek volgens welgekozen methode. Ten slotte voldoet de verslaglegging aan de wetenschappelijke eisen.

Schrijf voordat je aan de daadwerkelijke opzet begint je voorlopige probleemstelling en hypothese op een kladje en ga daarna je probleemstelling uitwerken. Aan de hand van het onderstaande stappenplan kun je tot een goede probleemstelling komen:

  1. Wat ga je precies onderzoeken? Wat is het specifieke aspect van de internationale positionering van de Nederlandse taal en cultuur waar je je in wilt verdiepen? Aan de hand van welke casus ga je dat doen?
  2. Waarom wil je dit onderzoek verrichten? Wat is je motivatie? Wat voegt het onderzoek toe aan bestaande wetenschappelijke inzichten en wat is eventueel het maatschappelijke belang ervan, kortom: wat is de wetenschappelijke en de eventuele maatschappelijke relevantie van jouw onderzoek?
  3. Binnen welk kader wil je het onderzoeken? Hoe is jouw vraag ingebed in een breder wetenschappelijk debat? Vanuit welk perspectief ga je het fenomeen benaderen? Welke wetenschappelijke theorieën of modellen kies je als uitgangspunten voor je onderzoek die je helpen het fenomeen te beschrijven en analyseren, en de resultaten hiervan te interpreteren en verklaren?
  4. Hoe ga je aan de slag? Hoe genereer je aan de hand van een wetenschappelijk verantwoorde methode, die je in deze master geleerd hebt, gegevens en hoe analyseer en interpreteer je deze om antwoorden op je vraagstelling te verkrijgen en je hypothese te toetsen?
  5. Welke specifieke vraag stel je? Welke deelvragen vloeien daar uit voort? En welke hypotheses vormen de leidraad van je onderzoek? Welk antwoord denk je door middel van je onderzoek op de specifieke vraagstellingen te kunnen geven?

Een onderzoeksopzet is in feite niets anders dan het vertalen van een abstract onderzoeksthema naar iets wat concreet onderzoekbaar is. Het helpt je de mogelijkheden en beperkingen van het onderzoek te doorgronden. Een onderzoeksopzet schrijf je ter voorbereiding op een onderzoek. Het zorgt ervoor dat er een gedegen plan ligt voor het onderzoek en biedt je houvast tijdens de uitvoering en verslaglegging van je onderzoek.

Samenvattend bevat de onderzoeksopzet de volgende onderdelen:

  • een helder afgebakende en gemotiveerde probleemstelling,
  • uitwerking van de hoofdvraag in deelvragen,
  • korte schets van het beoogde theoretisch/analytisch kader,
  • een plan van aanpak (methode, operationalisering) en
  • een voorlopige literatuurlijst.

Voor meer informatie zie Richtlijnen Masterthesis (pdf). Let erop dat dit document op het gebied van beoordeling verouderd kan zijn.
 

Digitaal scriptie archief

Uiteindelijk plaats je je thesis in het digitaal scriptie archief Igitur. Het is in Igitur ook mogelijk om scripties van andere studenten in te zien.

Formulieren en regelingen masterscriptie

De beoordeling van je scriptie verloopt aan de hand van vaste procedures. Je kunt je hierop voorbereiden door onderstaande documenten en teksten goed door te nemen voordat je begint met schrijven.

Alle scripties worden door twee docenten beoordeeld. Als je begeleider een docent is die verbonden is aan de opleiding, dan is deze ook je eerste beoordelaar (c.q. de ‘examinator’).

De beoordeling van je scriptie wordt binnen de faculteit Geesteswetenschappen gedaan aan de hand van een standaard beoordelingsformulier voor de academische master.pdf (pdf). In sommige gevallen wordt een derde beoordelaar ingeschakeld. De derde beoordelaar werkt altijd met een apart beoordelingsformulier derde beoordelaar.pdf (pdf).

De Universiteit Utrecht vat iedere vorm van wetenschappelijke misleiding zeer ernstig op. De Universiteit Utrecht verwacht dat elke student de normen en waarden inzake wetenschappelijke integriteit kent en in acht neemt.

Wanneer je start met het schrijven van je eindwerkstuk lever je daarom het Formulier verklaring kennisneming plagiaat (pdf) in. Hiermee verklaar je op de hoogte te zijn van de regels van de Universiteit wat betreft Fraude en plagiaat. Wanneer je docent of begeleider vermoedt dat er sprake is van fraude of plagiaat maakt deze hiervan melding via het Formulier plagiaat melden (pdf).