Het doel van de stage of 'begeleide praktijkcomponent', zoals wij hem ook wel noemen, is voorbereiding op de beroepsuitoefening als deskundige op het gebied van het programma. Bekijk hier de uitgebreide richtlijnen voor de begeleide praktijkcomponent. De succesvolle student leert om de opgedane kennis op (mogelijk problematische) gebieden van de taalontwikkeling, taalvariatie, vreemdetalenonderwijs, meertaligheid en/of taaldescriptie op academisch werk -en denkniveau toe te passen bij een onderzoeksinstituut, instelling of bedrijf, en om de verworven wetenschappelijke inzichten te toetsen aan de praktijk van het werkveld.

De begeleide praktijkcomponent  moet inhoudelijk aansluiten bij het programma Meertaligheid en Taalverwerving. Het onderzoek is toepassingsgericht en kan intern of extern uitgevoerd worden. Een intern onderzoek is gekoppeld aan lopende projecten binnen het onderzoeksinstituut (Uil-OTS), een extern onderzoek wordt uitgevoerd bij een ander onderzoeksinstituut of bij een instelling of bedrijf.

Voorbeelden van externe onderzoeksinstituten zijn het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek in Nijmegen, de Fryske Academie in Leeuwarden of het Meertens Instituut in Amsterdam. Voorbeelden van instellingen en bedrijven die onderzoek doen, beleid en/of materiaal ontwikkelen op gebieden die aansluiten bij de inhoud van het master-programma zijn de Stichting Leerplanontwikkeling (SLO), het CITO, de landelijke pedagogische centra, (taal)beleidsorganisaties, taleninstituten en uitgeverijen.

Over het onderzoek wordt gerapporteerd in een verslag van minstens tien bladzijden. De taalkeuze van het verslag wordt in overleg met de onderzoeksbegeleider en de begeleidende docent bepaald. Indien de student een taalspecifieke invulling volgt moet het verslag in de betreffende taal worden geschreven. De begeleide praktijkcomponent kan worden opgenomen als cursorisch onderdeel van de taalspecifieke invulling van het programma, indien het voldoet aan de taalspecifieke eisen (het verslag is in de betreffende taal geschreven, de inhoud is gerelateerd aan de betreffende taal en het onderzoek is begeleid door een docent van de betreffende opleiding). Het verslag wordt in overleg beoordeeld door de onderzoeksbegeleider (een medewerker van het onderzoeksinstituut, de instelling of het bedrijf waar de student het onderzoek uitvoert) en een docent die fungeert als beoordelaar namens het masterprogramma.

N.B.: Inschrijven voor de begeleide praktijkcomponent gebeurt op het moment dat het stagecontract wordt ingeleverd bij het Stagebureau (stage.gw@uu.nl), dus niet tijdens de cursusinschrijving via Osiris.

Stappenplan (research)masterstage

De stappen hieronder helpen je voor te bereiden op je stage. Lees deze stappen goed door, evenals de facultaire uitgebreide stagehandleiding, waarin belangrijke informatie staat over het vinden van een stage, buitenlandstages, het schrijven van een stagewerkplan, je inschrijving in OSIRIS, stagebegeleiding, het bijhouden van een logboek en het schrijven van het eindverslag en de beoordeling.  

Let op! De corona-pandemie kan invloed hebben op je stage. Lees daarom deze richtlijnen, waarin staat waar je rekening mee moet houden als je stage wilt lopen terwijl de coronamaatregelen nog gelden.

Belangrijke documenten in de opstartfase

Uitgebreide stagehandleiding - (research)masters (pdf, Nederlands)
Richtlijnen stagewerkplan - (research)masterstage (Word, Nederlands)
Richtlijnen stagewerkplan - onderwijsstage in de (research)master (Word, Nederlands)
Stagewerkplanformulier (Word, Nederlands)
Standaard GW stageovereenkomst (Word, Nederlands) / Standard HUM internship agreement (Word, Engels)
Formulier verlenging stageovereenkomst (Word, Nederlands)

Stage zoeken

Je bent zelf verantwoordelijk voor het vinden van een geschikte stageplaats. De stagecontactpersoon van je (research)masterprogramma en de coördinator loopbaanoriëntatie van je eigen departement kunnen je eventueel ook helpen. Begin in ieder geval tijdig met het zoeken naar een stage en controleer altijd of deze stage voldoet aan de eisen van je studieprogramma.

Handige tips voor je stagezoektocht (bijeenkomsten, workshops, stagevacaturebanken, etc.) vind je in de uitgebreide stagehandleiding.

Stagebegeleiding

Tijdens je stage heb je twee begeleiders:

  • Je stagebegeleider (dit is je begeleider op je stageplek): stagebegeleiding krijg je voornamelijk van de stagebegeleider van de stagegever; deze persoon is jouw eerste aanspreekpunt tijdens de stage en begeleidt de inhoudelijke kant van je stage.
  • Je stagedocent (dit is een docent, in principe van je eigen opleiding): de stagedocent is degene die bepaalt of de stage(opdracht) geschikt is en begeleidt voornamelijk het stageproces. Daarnaast is de docent degene die de stage uiteindelijk beoordeelt. 

De stagedocent krijg je meestal toegewezen door je opleiding, maar bij sommige (research)masterprogramma’s wordt er verwacht dat je zelf op zoek gaat naar een stagedocent. Bekijk de opleidingsspecifieke stage-informatie om te zien hoe dit bij jouw (research)masterprogramma is geregeld.

Stagewerkplan

Zodra je een stage hebt gevonden, schrijf je een stagewerkplan waarin je onder andere een omschrijving van de stageopdracht, je leerdoelen en motivatie, en afspraken omtrent stagebegeleiding opneemt. Dit plan stel je op in overleg met de stagebegeleider en je stagedocent. Wat er precies in het stagewerkplan moet worden opgenomen hangt af van welke soort stage je gaat lopen:

Goedkeuring stagewerkplan

Het stagewerkplan wordt goedgekeurd met behulp van het stagewerkplanformulier. Dit formulier vul je in en laat je door beide begeleiders ondertekenen en is ook beschikbaar in het Engels (internship workplan form). 

Stageovereenkomst 

Voor je stage moet er een overeenkomst tussen de faculteit Geesteswetenschappen, de stageorganisatie en jou als student worden getekend. Zo wordt je stagevergoeding en je aansprakelijkheidsverzekering geregeld en sta je juridisch sterker. Zonder deze overeenkomst kun je niet beginnen aan je stage. Je gebruikt bij voorkeur de standaard GW stageovereenkomst (of de Engelse versie standard HUM internship agreement).

Uitzonderingen 

Met sommige stageorganisaties zijn afwijkende afspraken gemaakt:

  • Ministerie van Buitenlandse Zaken en Mediastages: deze instanties hebben een eigen stageovereenkomst.
  • Meertens Instituut: je levert zowel de facultaire overeenkomst als de eigen overeenkomst van het Meertens Instituut aan.

Inschrijving OSIRIS

Zodra je je overeenkomst hebt ondertekend en laten ondertekenen door je stagebegeleider (dus niet stagedocent), mail je de volgende drie documenten naar het Stagebureau Geesteswetenschappen (stage.gw@uu.nl):

  1. Stagewerkplanformulier (ondertekend door jou, je stagebegeleider en je stagedocent)
  2. Stagewerkplan
  3. Originele stageovereenkomst (ondertekend door jou en je stagebegeleider)

Het Stagebureau controleert de ingeleverde documenten en ondertekent de overeenkomst, en voorziet daarmee in de derde handtekening. Let op! Het is verplicht bovengenoemde drie documenten vóór aanvang van je (buitenland)stage in te leveren bij het Stagebureau.

Vervolgens ontvangen jij, je docent en de stageorganisatie een ondertekend exemplaar van de overeenkomst retour van het Stagebureau. Ook word je dan ingeschreven voor de stage in OSIRIS (dit kun je niet zelf doen). 

Nu ben je er klaar voor om met je stage te beginnen!

Begeleiding

Twee verschillende mensen begeleiden je tijdens je stage:

  • Stagedocent: die de stage vanuit de universiteit begeleidt (met een focus op het leerproces)
  • Stagebegeleider: die de stage vanuit de stageorganisatie begeleidt (met een focus op de inhoud en dagelijkse werkzaamheden)

Logboeken

Tijdens je stage houd je je stagedocent regelmatig op de hoogte van het verloop van je stage. Je houdt een logboek bij waarin je je werkzaamheden en je reflectie daarop vastlegt. Je voegt je logboeken als bijlage toe aan je uiteindelijke stageverslag. Met je stagedocent maak je afspraken over of, hoe vaak en wanneer je je logboeken tussentijds opstuurt.

Starten met schrijven stageverslag

Je stage wordt beoordeeld op basis van je stageverslag. Je kunt het beste al vroeg tijdens je stage beginnen met het schrijven ervan. Richtlijnen voor dit verslag vind je in de stagehandleiding.

Verlenging stage

Mocht gedurende je stage blijken dat je stage langer doorgaat (en je hebt dit afgestemd met je stagedocent en stagebegeleider), gebruik dan het formulier verlenging stageovereenkomst (pdf).

Belangrijke documenten in de afrondende fase

Uitgebreide stagehandleiding (research)masters met richtlijnen stageverslag (pdf, Nederlands)
Beoordelingsformulier – (research)masterstage 
Beoordelingsformulier - onderwijsstage in de (research)master
Feedbackformulier stagebegeleider (Word, Nederlands) / Feedback form internship supervisor (Word, Engels)

Stageverslag afronden

Aan het einde van de stage rond je het stageverslag af. Dit verslag bevat een evaluatief gedeelte en een weergave van het ‘product’ van de stage (zie de stagehandleiding voor meer informatie). Het stageverslag vormt de basis van de beoordeling door je stagedocent.

Feedback stagebegeleider

Een paar weken voor het einde van je stage vraag je je stagebegeleider van de stageorganisatie om nadere input voor de beoordeling. Hiervoor gebruik je het Feedbackformulier stagebegeleider / Feedback form internship supervisor. Je verwerkt deze feedback in je stageverslag.

Stageverslag inleveren

Je levert het verslag in bij je stagedocent en eventueel de stageorganisatie.

Beoordeling van je stage

Je stagedocent is verantwoordelijk voor de beoordeling van je stage. Bij het bepalen van het eindcijfer is de kwaliteit van het stageverslag doorslaggevend. De beoordeling gebeurt aan de hand van een standaard beoordelingsformulier dat hoort bij het soort stage:

Aan het eind van de stage vindt er een eindgesprek plaats tussen stagedocent en stagegever om tot een definitieve beoordeling te komen. Dan bespreken ze ook de feedback uit het feedbackformulier van de stagebegeleider.

Eindcijfer

Hoewel het stageverslag leidend is bij de beoordeling, heeft de feedback van de stagegever ook invloed op je uiteindelijke stagecijfer (maximaal met 0,5 punt, hoger of lager). Je stagedocent stelt je op de hoogte van je eindcijfer en zorgt dat je de ingevulde beoordelingsformulieren ontvangt of kunt inzien. Je cijfer en het aantal EC worden in OSIRIS geregistreerd door je stagedocent.

Archivering stagedossier

Mail je verslag (inclusief alle bijlagen) naar het Stagebureau Geesteswetenschappen: stage.gw@uu.nl

Stage als je een functiebeperking hebt

Een stageplek is voor studenten met een beperking niet altijd even makkelijk te vinden. Loop je ergens tegenaan? Neem dan contact op met de stagecontactpersoon van je (research)masterprogramma of de studieadviseur. Websites met nuttige tips en/of stagevacatures:

  • Expertise Centrum Inclusief Onderwijs
    Informatie over stagelopen met een functiebeperking en een handige Stagewijzer.
  • Onbegrensd Talent
    Werving- en selectiebureau voor hoogopgeleide mensen met een beperking.
  • Onbeperkt aan de slag
    Digitaal platform voor werkgevers en werkzoekenden in de regio Utrecht.
  • SWOM
    Stichting SWOM begeleidt Young Professionals met een arbeidsbeperking bij het vinden van een volwaardige functie, en heeft ook een Stagedesk.

Stage als topsporter

Als je aan topsport doet, kan het lastig zijn om een geschikte stage te vinden. Steeds meer bedrijven komen deze groep studenten tegemoet met bijvoorbeeld flexibele werkuren of de mogelijkheid om de stage uit te smeren over een langere periode. Neem contact op met de stagecontactpersoon van je (research)masterprogramma of de studieadviseur voor de mogelijkheden binnen jouw opleiding.

Meer informatie?

Voor vragen of meer informatie kun je contact opnemen met het Stagebureau van de faculteit Geesteswetenschappen.