Het afstudeerproject is het sluitstuk van het masterprogramma. Daarin laat je zien hoe je aangeleerde kennis en vaardigheden op het gebied van het masterprogramma zelfstandig kan hanteren bij het opzetten en uitvoeren van een onderzoek en hoe je de bevindingen wetenschappelijk verantwoord kunt presenteren op hoog academisch niveau.

Planning

Begin op tijd met nadenken over een onderwerp voor het afstudeerproject, dat wil zeggen in de loop van blok 1 of uiterlijk blok 2. Vraag in een vroeg stadium advies aan de programmacoördinator of tutor. Aan het eind van blok 3 moet vaststaan: onderwerp, eerste begeleider en plan van aanpak. Het afstudeerproject wordt afgerond in blok 4. Als uiterste inleverdatum geldt de laatste werkdag van het blok. Alleen in uitzonderlijke gevallen en met uitdrukkelijk toestemming van de eerste begeleider kan hiervan worden afgeweken.

Taalspecifieke invulling

Omdat je verplicht bent een taalspecifieke invulling te geven aan het masterprogramma Literair vertalen moet het afstudeerproject ook in de betreffende taal worden ingeleverd. Minstens één van de begeleiders van het afstudeerproject is een gekwalificeerd examinator in de betreffende taalopleiding die het taalspecifieke karakter van het afstudeerproject bewaakt.

Voor meer informatie zie Richtlijnen Masterthesis (pdf). Let erop dat dit document op het gebied van beoordeling verouderd kan zijn.

Inhoudelijke invulling

In het masterprogramma Vertalen kan het afstudeerproject op drie manieren worden ingevuld:

  1. Met een scriptie waaruit je academische vorming blijkt. Deze wordt taalspecifiek (talenpaarspecifiek) ingevuld en is geschreven op het gebied van het vertalen en de vertaalwetenschap. In je scriptie laat je zien dat je weet hoe je onderzoek moet opzetten en hoe je het feitelijke onderzoek over een onderwerp moet aanpakken. Je laat verder zien dat je over de resultaten van je onderzoek een goed, wetenschappelijk verantwoord, verslag kunt maken. Gezien de aard van de opleiding kan het onderwerp van je scriptie een theoretisch karakter hebben; het kan ook beschrijvend zijn (bijvoorbeeld op het gebied van de vertaalgeschiedenis).
  2. Met geannoteerde vertaling(en). Je kiest een (aantal) brontekst(en), bijvoorbeeld uit een specifiek domein (economie, rechten, literatuur, kinder- en jeugdliteratuur, et cetera), of van een specifieke tekstsoort (bijvoorbeeld argumentatief, persuasief). Op grond van literatuurstudie maak je een inventarisatie van de vertaalproblemen die in die domeinen of tekstsoorten spelen. De eigen vertalingen worden toegelicht en verantwoord aan de hand van de bevindingen uit de literatuurstudie. Eventueel kan ook de studie van een parallel corpus van bestaande vertalingen en originelen deel uitmaken van een dergelijk project.
  3. Eventueel kan een onderzoeksstage op het gebied van vertaling (voor maximaal 10 EC) onderdeel uitmaken van het afstudeerproject.

 

Digitale scriptiearchief

Uiteindelijk moet je je masterscriptie uploaden in het digitale scriptiearchief van de Universiteitsbibliotheek. Dit is een verplicht onderdeel van het afstuderen. Je kunt in dit digitale scriptiearchief ook scripties van andere studenten inzien ter inspiratie.

Formulieren en regelingen masterscriptie

De beoordeling van je scriptie verloopt aan de hand van vaste procedures. Je kunt je hierop voorbereiden door onderstaande documenten en teksten goed door te nemen voordat je begint met schrijven.

Alle scripties worden door twee docenten beoordeeld. Als je begeleider een docent is die verbonden is aan de opleiding, dan is deze ook je eerste beoordelaar (c.q. de ‘examinator’).

De beoordeling van je scriptie wordt binnen de faculteit Geesteswetenschappen gedaan aan de hand van een standaard beoordelingsformulier voor de academische master.pdf (pdf). In sommige gevallen wordt een derde beoordelaar ingeschakeld. De derde beoordelaar werkt altijd met een apart beoordelingsformulier derde beoordelaar.pdf (pdf).

De Universiteit Utrecht vat iedere vorm van wetenschappelijke misleiding zeer ernstig op. De Universiteit Utrecht verwacht dat elke student de normen en waarden inzake wetenschappelijke integriteit kent en in acht neemt.

Wanneer je start met het schrijven van je eindwerkstuk lever je daarom het Formulier verklaring kennisneming plagiaat (pdf) in. Hiermee verklaar je op de hoogte te zijn van de regels van de Universiteit wat betreft Fraude en plagiaat. Wanneer je docent of begeleider vermoedt dat er sprake is van fraude of plagiaat maakt deze hiervan melding via het Formulier plagiaat melden (pdf).