Let op: een cursus van deze minor heeft voorrangsregels en de inschrijfperiode is korter. Zie voor meer informatie 'Aanmelding en inschrijven' hieronder.​

Inhoud

Deze minor gaat over de manieren waarop eenheid en diversiteit in Nederland vorm krijgen. Enerzijds spreken we over dé Nederlandse samenleving, hét Algemeen Beschaafd Nederlands en dé Nederlandse literatuur en cultuur. Anderzijds gaat onder die eenheid een enorme diversiteit schuil: de Nederlandse samenleving is immers van oudsher een smeltkroes van talen, literaturen en culturen. Deze meertalige en multiculturele dynamiek onderzoeken we vanuit de vraag: wat hebben deze talen, communicatievormen en culturen in Nederland gemeenschappelijk en waarin verschillen ze?

De meest levendige processen in taal en cultuur worden zichtbaar daar waar eenheid en diversiteit elkaar raken, bijvoorbeeld waar:

  • taalnormen botsen op hoe taal feitelijk gebruik wordt;
  • gespeeld wordt met taal om de eigen identiteit uit te drukken;
  • meertaligheid als een verrijking wordt gezien en niet als probleem;
  • een bepaald niveau van geletterdheid nodig om goed te kunnen functioneren in de maatschappij;
  • verschillen in geletterdheid noodzaken tot meer variatie in communicatie en educatie;
  • Nederlandse literaire werken worden omgevormd tot film;
  • beelden van Nederlanderschap (dé tolerante Nederlander, onze poldercultuur) historisch gevormd zijn én aan continue verandering onderhevig;
  • of literatuur van nieuwkomers op dezelfde boekenplanken ligt als andere Nederlandse literaire werken.

Al dit soort kwesties bekijken we vanuit verschillende perspectieven: van individueel tot collectief, sociolinguïstisch tot psycholinguïstisch en van historisch tot imagologisch. In deze minor staat duiding van actuele maatschappelijke kwesties centraal.

Doel

Studenten leren de eenheid, identiteit en diversiteit in taal en cultuur in de Nederlandse samenleving waar te nemen, te analyseren en er een beargumenteerde positie over in te nemen.

Cursussen

In Boek en film (cursus 1) bespreken we verfilmingen van literaire werken uit de middeleeuwse, de vroegmoderne en de moderne literatuur, zoals Mariken van Nieumeghen en Turks fruit, en ook films die gebaseerd zijn op historische, internationale tradities (zoals de ridderepiek) of op historische verhalen (bijvoorbeeld uit het koloniale verleden). We gaan na welk ‘verhaal’ die vertellen over Nederland, de Nederlandse identiteit en over de Nederlandse geschiedenis, en ook hoe ze in internationale verfilmingen zijn ingebed. Je leert hoe deze boekverfilmingen als verhaal geconstrueerd zijn en hoe ze zich verhouden tot de tijd en cultuur waarin ze ontstaan zijn, met aandacht voor de context waarin de film is gemaakt. 

In Taalsysteem en taaldiversiteit (cursus 2) ontdek je dat er grenzen zijn aan taalvariatie door te kijken naar de taalsystematiek van het Standaardnederlands, en de structuur van de Nederlandse zin in het bijzonder. Denk bijvoorbeeld aan de eigenschap dat een vraagwoord typisch aan het begin van de zin staat, zoals in ‘Wie denk je dat ik gezien heb?’ Door taalanalyse en vergelijking van varianten van het Nederlands ontdek je dat uniformiteit van taal en diversiteit van taal nauw met elkaar verbonden zijn.

In het eerste deel van Visies op meertaligheid en geletterdheid (cursus 3) krijg je kennis en inzicht in de totstandkoming, functies en gevolgen van meertaligheid en taalcontact. Hierbij kijken we onder andere naar manieren waarop en redenen waarom mensen schakelen tussen talen, en naar beleidskeuzes rondom meertaligheid in het onderwijs. Ook bestuderen we hoe functionele en kritische geletterdheid en literaire competentie bevorderd kunnen worden. Gewapend met deze kennis leer je reflecteren op de onderliggende visies en effectiviteit van bestaande leesbevorderingsinitiatieven.

In Visies op de Nederlandse identiteit (cursus 4) leer je dat we bij het nadenken over onze Nederlandse identiteit gebruik maken van geconstrueerde beelden die historisch zijn gevormd in teksten en via cultuuruitingen, van Middeleeuwen tot nu. Vanuit die historische en theoretische kennis bestuderen we actuele debatten, bijvoorbeeld over het weghalen van standbeelden van J.P. Coen, over Zwarte Piet, over aanpassing van de Canon van Nederland, over het Nederlandbeeld in kinderserie over de Gouden Eeuw: wat voor opvattingen over Nederlandse identiteit zitten daarachter, hoe inclusief of misschien uitsluitend zijn die, hoe kunnen we er anders tegenaan kijken en wat betekent dat voor het maatschappelijke debat?

Studieprogramma

De minor Identiteit en diversiteit in Nederlandse taal en cultuur bestaat uit 4 verplichte cursussen (30 EC). Je start bij voorkeur met de cursus in blok 3.

Ingangseisen

Kijk goed naar de ingangseisen van de cursussen en of er voorrangsregels zijn.

Aanmelden en inschrijven

Hoe je je aanmeldt, hangt af van of je al student bent aan de Universiteit Utrecht of niet.

Als student van de Universiteit Utrecht moet je voor de minor als geheel en de bijbehorende cursussen inschrijven via OSIRIS. Dit doe je tijdens de cursusinschrijvingsperiode van de faculteit Geesteswetenschappen. Let op! Je schrijft je dus altijd in voor zowel de minor als voor iedere cursus van die minor afzonderlijk.

Cursussen met voorrangsregels

Als je je wilt inschrijven voor een cursus met voorrangsregels, moet je je zowel voor deze cursus als voor de minor inschrijven in de eerste twee weken (maandag 3 juni t/m maandag 17 juni om 12:00 uur) van de cursusinschrijvingsperiode van de Faculteit Geesteswetenschappen.

Registratie studieresulaten

Wanneer je de cursussen hebt afgerond en in OSIRIS staat ingeschreven voor de minor en de afzonderlijke cursussen, dan wordt de minor en de behaalde studieresultaten ook zichtbaar op je Studievoortgangsoverzicht. 

Afwijken studieprogramma

Als je wilt afwijken van het standaard studieprogramma van de minor, moet je goedkeuring vragen aan de examencommissie van de opleiding die de minor aanbiedt.

Inschrijven voor de minor en de bijbehorende cursussen doe je via een digitaal inschrijfformulier, gedurende de cursusinschrijvingsperiode van de faculteit Geesteswetenschappen. Daarnaast ontvangen wij graag een bewijs van inschrijving van je eigen instelling. Het formulier en inschrijfbewijs kun je (bij voorkeur via e-mail) opsturen naar of inleveren bij het Studiepunt Geesteswetenschappen.

Cursussen met voorrangsregels

Als je je wilt inschrijven voor een cursus met voorrangsregels, moet je je zowel voor deze cursus als voor de minor inschrijven in de eerste twee weken (maandag 3 juni t/m maandag 17 juni om 12:00 uur) van de cursusinschrijvingsperiode van de Faculteit Geesteswetenschappen.

Studieresultaten

Als je de cursussen met een voldoende hebt afgerond kun je bij de balie van het Studiepunt Geesteswetenschappen een cijferoverzicht van het minorprogramma aanvragen.

Meer weten?

Neem voor vragen of meer informatie contact op met het Studiepunt Geesteswetenschappen.