Toetsing bij ZGS
Bij de bacheloropleiding Zorg, gezondheid en samenleving (ZGS) wordt een toetsingsmethode toegepast waarbij het leerproces van de student centraal staat. Dit wordt bereikt door zo veel mogelijk feedback te verzamelen uit meerdere 'datapunten' (zoals opdrachten en observaties). Deze datapunten laten de ontwikkeling van de student zien op de leeruitkomsten. Leeruitkomsten zijn beschrijvingen van wat je als student zou moeten weten, begrijpen en kunnen toepassen na afronding van een bepaalde leerperiode.
Beoordelingen op datapunten
Gemaakte opdrachten, verslagen, essays, presentaties, peerfeedback, feedback van cliënten, patiënten of opdrachtgevers, maar ook de uitkomsten van de blokscans zijn voorbeelden van datapunten. De docenten en medestudenten beoordelen de datapunten met een op, onder of boven niveau, en geven je, waar mogelijk, feedback. Zo kan je zien hoe je ervoor staat en krijg je inzicht in je ontwikkeling op de leeruitkomsten.
Feedbackmomenten bij ZGS kennen geen zak-/slaagbeslissing, maar geven informatie waarvan je kunt leren.
Reflecties
Je dient een reflectie te schrijven na het verkrijgen van schriftelijke feedback op een datapunt. Deze reflecties worden door de portfoliobesliscommissie (PBC) meegenomen in de beoordeling van je portfolio.
Beoordeling portfolio
Op twee momenten per jaar wordt jouw portfolio, de verzameling van alle gemaakte datapunten en de daarop verkregen feedback en eigen reflecties, door de portfoliobesliscommissie (PBC) beoordeeld. Je zorgt dat jouw portfolio voor de deadline compleet is. Vervolgens kijken de onafhankelijke beoordelaars van de PBC naar de feedback die jij op de verschillende momenten hebt gekregen. Een feedbackmoment bevat vaak informatie over meerdere leeruitkomsten. De informatie uit feedbackmomenten wordt niet bekeken op niveau van een afzonderlijke cursus/toets, maar op het niveau van de leeruitkomsten waarover een beslissing wordt genomen. Je krijgt van de PBC dus een beoordeling (op, boven of onder niveau) op alle afzonderlijke leeruitkomsten, waarbij wordt gekeken naar de ontwikkeling die je binnen zo’n leeruitkomst over het jaar hebt laten zien. De studiepunten worden op basis van deze leeruitkomsten gegeven. Dat gebeurt pas aan het einde van het academisch jaar.
Indien je een of meerdere leeruitkomsten niet op of boven het verwachte niveau hebt behaald, wordt geadviseerd een (of meerdere) remediëringsopdrachten te doen. Daarmee kan je laten zien dat je de desbetreffende leeruitkomst(en) wel op niveau beheerst. Er is een vaste remediëringsweek in het jaar waarop je kan remediëren en waarna de PBC je portfolio dan opnieuw bekijkt.
Beleid missende datapunten
Omdat alle datapunten samen een grote verzameling van feedback geven op de verschillende leeruitkomsten, en er geen zak-slaagbeslissingen worden genomen op basis van een enkel datapunt, worden datapunten niet ingehaald of herkanst. Hoe wordt omgegaan met missende datapunten, wat de consequenties van het missen van datapunten kunnen zijn, en wat je als student moet doen wanneer je onderwijs mist staat beschreven in het document Beleid missende datapunten.
Bindend Studie Advies (BSA)
Aan het eind van het eerste jaar moet je minstens 45 studiepunten (EC) hebben behaald om een positief bindend studieadvies (BSA) te krijgen en door te mogen naar het tweede jaar. Zie ook de informatie over het BSA bij Regelingen en procedures. Indien na het tweede beslismoment blijkt dat je niet voldoende studiepunten hebt behaald, kun je (alvorens een eventuele hoorzitting bij de examencommissie aan te vragen) een gesprek aanvragen met de PBC , waarin deze je beoordeling kan toelichten.